Doe-ideeën / Het verhaal dat je samen dichtvouwt
Verhalen & rollenspel
Het verhaal dat je samen dichtvouwt
Jij schrijft twee zinnen, vouwt het papier dicht en laat alleen de laatste woorden zien. Je kind schrijft verder zonder te weten wat eronder staat. Aan het eind vouwen jullie alles open en lezen jullie een verhaal dat niemand had kunnen bedenken.
6-10 jaar15-20 min Geen rommel
Bewaren en afvinken doe je met een gratis account.

Voorbereiding2 min
EnergieRustig
KostenGratis
LocatieBinnen, aan tafel
AantalEén of meer kinderen
Zo doe je het
- Eerst de afspraak
Leg uit dat jullie om de beurt twee zinnen schrijven, maar dat alleen de laatste drie woorden van de ander zichtbaar blijven. De rest gaat onder de vouw. Herhaal die regel even, hij is het hele spel. - Jouw twee zinnen
Jij begint bovenaan het vel met twee zinnen. Vouw het papier daarna zo om dat er precies drie woorden overblijven om op verder te bouwen. Kies die woorden niet te makkelijk, dan wordt het interessanter. - De beurt van je kind
Nu leest je kind die drie woorden en schrijft er twee eigen zinnen achteraan, en vouwt daarna zelf om. Reken erop dat er binnen twee beurten een draak of een scheet in het verhaal terechtkomt. - Zes tot acht rondes
Wissel af tot het vel bijna vol is, zes tot acht rondes red je meestal. Kan je kind nog niet vlot schrijven, dan fluistert hij de zinnen en schrijf jij ze op zonder iets te verbeteren. - Openvouwen en voorlezen
Openvouwen doe je in één keer, en dan lees je hardop van boven naar beneden. Het verhaal springt van niets naar niets en juist daar wordt om gelachen. Bedenk samen een titel en zet die erboven.

Bweep gluurt naar het papier:
“Niet spieken. Straks weet je alles al en dan is de verrassing weg.”
Wie doet wat?
Jij
- Schrijft de eerste twee zinnen
- Vouwt het papier na elke beurt om
- Leest het hele verhaal aan het eind voor
Je kind
- Leest de laatste drie zichtbare woorden
- Schrijft twee nieuwe zinnen erachteraan
- Bedenkt de titel boven het verhaal
Variaties
Eenvoudiger
- Spreek een onderwerp af, bijvoorbeeld een hond die verdwaalt, zodat het verhaal een richting heeft.
Uitdagender
- Spreek af dat er in elk stukje een nieuw personage bij moet komen.
Jongere kinderen
- Laat je kind tekenen in plaats van schrijven en vouw de tekeningen weg.
Oudere kinderen
- Doe het met drie of vier mensen tegelijk, dan wordt het verhaal nog onvoorspelbaarder.
Wat leert je kind hiervan?
- Doorschrijven op iets wat je niet helemaal begrijpt
- Zinnen maken die op elkaar aansluiten
- Genieten van een verhaal dat alle kanten op mag gaan
Opruimen
2 minuten


